Drijven, vliegen, dalen.
Opstijgen, fladderen
en weer terug op mijn nest.
Zweven, zwemmen, duiken.
Springen, slaan
en weer terug bij af.
Schrijven, schrappen, dansen.
Zingen, rust
en het is nog niet af.
Zien, geloven, hebben.
Loslaten, liefde.
Dat is wat jij
wat jij mij gaf.
|
Email this Poetry
|
Add to reading list






