Boze Vampier

Reads: 123  | Likes: 0  | Shelves: 0  | Comments: 0

  • Facebook
  • Twitter
  • Reddit
  • Pinterest
  • Invite

Status: Finished  |  Genre: Fantasy  |  House: Booksie Classic

Bij een van zijn nieuwe opdrachten wordt Brandaan Sigilis plots geconfronteerd met een belangrijke vampier die op wraak uit is...

Boze Vampier

 

door Bruno Roggen

 

Op de Koning Albert II-laan in Brussel in de kantoren van de Staatsveiligheid stond Brandaan Sigilis weer tegenover zijn directe overste, kolonel Edouard Cassecou.

Pas op, agent Sigilis,” verwittigde die Brandaan. “Er is een contract uitgeschreven op je hoofd, dat is ons gemeld.”

Door wie, kolonel?” wou Brandaan weten.

Denk eens na, Sigilis. Wie denk je dat zoiets zou doen, na wat er gebeurd is in café Het Oude Beerenbroek, en daarna in Bokrijk?”

Oh, u bedoelt dat akkefietje met die vrouwelijke vampier Thana? Ik zie geen reden om daar bang voor te zijn.”

Je ziet maar. Pas toch maar op. Liever blode Brandaan dan dode Brandaan, zo zou ik denken. We hebben je hier nodig bij de Staatsveiligheid. Kijk toch maar goed uit je doppen!”

Brandaan was op zijn hoede, maar dat was in de loop van de tijd, sinds hij fulltime voor de Staatsveiligheid werkte, voor hem een tweede natuur geworden.

Nu stond Brandaan Sigilis aan de toog in café De Blauwe Stijlkens, achteraan op de Maastrichtersteenweg in Hasselt, vlakbij de spoorwegovergang in Wolske. Hij was daar in opdracht van kolonel Cassecou. Het was de Staatsveiligheid ter ore gekomen dat er aan die spoorwegovergang verdachte pakketjes uit de traag rijdende treinen werden gegooid. Die werden dan opgeraapt door verdachte individuen die blijkbaar hun samenkomsten hielden in De Blauwe Stijlkens. Wat er in die pakjes zat interesseerde de Staatsveiligheid ten zeerste. Het was nu aan Sigilis om uit te vissen of hij daarover meer te weten kon komen.

In het kleine landelijke café was het niet druk. Dat vond Brandaan Sigilis prima omdat hij veel te veel tijd met vervelende mensen en gecompliceerde dingen doorbracht. Hij wreef over zijn slapen en staarde in de verse kop koffie die cafébaas Henckaerts hem net had uitgeschonken. Een snelle blik in het rond gaf Brandaan een overzicht van het cafeetje. Hij stelde vast dat niemand naar hem keek. Uit de binnenzak van zijn jas haalde hij een plat flesje waar jenever van Frijns in was geweest, nadat hij zijn schouderholster met zijn 9 mm Browning GP pistool opzij had geschoven. Behendig en bliksemsnel schonk hij een deel van de inhoud van die kleine glazen fles in zijn kop koffie. Hij roerde door de koffie, voegde er twee klontjes suiker van Tienen aan toe en proefde ervan, maar een heel klein beetje. Zo was de koffie perfect.

Dan werd de aandacht van Sigilis getrokken door twee mannen aan de toog die in het dialect van Diepenbeek aan het kibbelen waren. Brandaan spitste zijn oren: het moest maar eens gaan over die verdachte pakjes die uit treinen werden gegooid. Maar na even besefte hij dat het daar niets mee te maken had: ze discussieerden erover wie nu wel de snelste sprinter was geweest als velocoureur, Fonske Jacobs van Diepenbeek of Wilfried Nelissen, de ‘Buffel van Wellen’.

Plots voelde Sigilis het haar in zijn nek overeind komen. Er was iemand die het niet goed met hem voorhad, binnen, of buiten het café. Dat soort intuïtie had Brandaan stilaan ontwikkeld sinds hij werkte voor de Staatsveiligheid.

Hij is hier,” dacht hij, “de man voor wie kolonel Cassecou me verwittigd heeft.”

Op dat moment ging de deur open en luidde het belletje dat er vanboven aan vast zat. Sigilis draaide zich niet om naar de deur toe, maar intuïtief wist hij vrij zeker wie het was. Zijn vermoedens werden bevestigd toen hij in de spiegel achter de toog keek. Hij zag zichzelf, maar naast hem was er geen spiegelbeeld van de man die langs hem was komen zitten.

"Oh, hallo daar," zei de onbekende met een lichte hint van een Frans accent dat bij vele Hasselaars uit de betere bourgeoisie te horen was.

"Brandaan Sigilis, eindelijk tref ik u ergens aan. Daar heb ik al lang naar uitgekeken."

Lazarus de Lioncourt, of vergis ik me?” was alles wat Sigilis als antwoord zei, terwijl hij aan het tafeltje ging zitten.

"Oh, u weet wie ik ben, en u kent zelfs mijn voornaam?"

Dat zou ik denken,” antwoordde Sigilis. “In Limburg en Vlaams Brabant heeft de vampierenfamilie de Lioncourt toch zo goed als een monopolie.”

Als u het zegt, meneer Sigilis...Neem me niet kwalijk als ik het formeel houd met de man die mijn kleine zus Thana heeft vermoord.” zei hij.

Je kleine zus was mensen aan het leegzuigen, letterlijk, en ze aan het vermoorden in Midden-Limburg. Ik moest haar tegenhouden."

U had haar niet hoeven te doden. Zij was niet zo actief als vampier. Soms lag ze maanden stil in haar zerk in de crypte van de kerk van Wimmertingen."

Beste Lazarus, zo werkt het niet. Als je vampier bent, en je zuigt bloed uit nietsvermoedende mensen, ook al is het maar één keer per jaar, dan misdraag je je, en je mag niet blijven bezig zijn.”

Lazarus de Lioncourt leunde dichterbij, hij keek dreigend, maar hij beoogde vooral een dramatisch effect: “U had mij moeten waarschuwen, meneer Sigilis. Ik zou haar hebben aangepakt."

Dat zeg je wel, Lazarus. Ik zag hoe je ermee omging. Het was niet voldoende. Als zij bij het vee was gebleven om bloed van runderen op te zuigen zoals in de overeenkomst met de Staatsveiligheid staat, dan was haar niets overkomen. In plaats daarvan ontwikkelde je zus een voorliefde voor boerenzonen uit de Demerstreek en vochtig Haspengouw. Dat kon niet door de beugel. Ze lokte die in haar bed, en na de liefde moesten die jongens eraan geloven. Dat mocht niet blijven duren. Er zijn nu al handen te kort in de Limburgse landbouwondernemingen.”

De vampier leunde achterover in zijn stoel. Hij luisterde naar de muziek die uit de Wurlitzer jukebox kwam en tikte met zijn vingers op de tafel. Zijn oude ogen staarden in Brandaan zijn ziel.

Ik hou van dit lied.” zei hij. “De Zangeres zonder Naam?”

"Nee, Zwarte Lola."

"Ah ja, ik moet zeggen, de cafébaas heeft een goede smaak in muziek."

Ik dacht dat het een beetje te modern voor je zou zijn,” zei Sigilis tegen het eeuwenoude wezen. “Ik had eerder gedacht dat, bijvoorbeeld, het Requiem van Mozart je meer zou aanstaan.”

"Grappig, maar u kan me niet doen lachen na wat u met mijn zusje gedaan hebt." zei de boze vampier.

"Ik dacht het al." zei Brandaan. “Maar je moet het ook eens vanuit mijn standpunt bekijken.”

Dat wou Lazarus de Lioncourt blijkbaar niet. Hij zat daar wrokkig op zijn stoel en staarde Sigilis aan met vlammende ogen. Ze zaten nog een lange tijd daar in De Blauwe Stijlkens zonder iets tegen elkaar te zeggen. Wel, het was lang voor Brandaan Sigilis, maar hij wist zeker dat de Lioncourt een heel andere perceptie van tijd had.

Ik kan dit niet vergeten,” zei Lazarus ten slotte. “En vergeven zeker niet.”

"Ik geloof niet dat uw soort veel vergeet. Of vergeeft." gaf Brandaan hem gelijk.

Nee, dat doen we niet. En ons lange leven laat wrok voortwoekeren tot een maat die stervelingen niet kennen.”

Lazarus de Lioncourt zweeg even en keek naar de koffie van Brandaan. Vampieren eten of drinken niet echt, maar sommigen hebben een smaak ontwikkeld voor bepaalde dingen, bloed natuurlijk op de eerste plaats, maar meestal ook voor wijn. Toen hij voor het eerst van de Staatsveiligheid de opdracht had gekregen zich met de bestrijding van vampieren bezig te houden had de oude rat commissaris Louis Colemont Brandaan gebrieft. Zodoende wist Sigilis dat Lazarus de Lioncourt een koffiedrinker was.

"Zou je wat willen drinken?" vroeg Brandaan. De vampier antwoordde hem niet, pakte de kop koffie, zette hem aan zijn lippen en dronk hem in één teug leeg: "Lijkt goede koffie,” zei hij. “Niet slecht om op je quivive te blijven en niet in slaap te vallen.”

Ik kan niet geloven dat je me naar hier hebt gevolgd,” zei Sigilis. “Er is veel voor nodig om je uit je landhuis op Henegouwberg te verdrijven.”

De dood van mijn zus kon ik niet blauw-blauw laten. Ik moest het heft in eigen handen nemen. Ik kan niet hebben dat de rest van de Limburgse vampieren denkt dat ik zwak ben."

Dat was waar. Als de rest van de vampierenclan dacht dat Lazarus niet de beste leider was, dan kon hij worden afgezet en zou een nieuwe zijn plaats innemen. Een nieuwe die misschien niet van de huidige regeling hield. Lazarus was al vervelend genoeg, maar meestal hield hij zijn familie onder controle.

"Dus je bent hier voor wraak? Om je op mij te wreken?"

Waarom zou ik anders naar deze godvergeten uithoek van Hasselt zijn gekomen? U had toch niet gedacht dat u levend uit dit gesprek zou komen?”

"Ik heb mijn manieren om aan veel te ontglippen, Lazarus."

"Ik weet het, maar dit keer bent u er gloeiend bij, wees daar maar zeker van!"

Je zus wist zeker welke risico’s ze liep door die boerenjongens in haar netten te lokken.”

Nu is het genoeg geweest. Spreek nog één keer over mijn kleine zusje Thana en ik zal uw hart opeten in uw bijzijn."

Je bedoelt dat je niet wilt horen hoe zij stierf terwijl zij om haar broer riep? Zij dacht heel zeker dat haar grote broer haar zou redden.”

Je hoefde haar niet te verbranden. Ik heb nu niets om te begraven. Er blijft een lege plek in de familiecrypte in Wimmertingen.”

Ik heb haar niet verbrand,” zei Sigilis, terwijl hij iets op tafel gooide. “Zij is opgelost in een vloeistof. Dit was te hard. Het is overgebleven van haar.”

Lazarus pakte de holle hoektanden van zijn zus op. "Sigilis, jij monster." siste hij tussen zijn puntige hoektanden door.

Ik deed alleen mijn werk. Je zus heeft dit zelf veroorzaakt.”

Genoeg, Sigilis! U zult zich hiervoor moeten verantwoorden.”

"Ik denk echt niet dat ik dat ga doen."

"En waarom niet?"

Omdat ik de koffie die je drinkt heb gemengd met gewijd water uit Scherpenheuvel, en ik verwacht dat het elk moment effect zal hebben.” zei Brandaan Sigilis nonchalant terwijl hij op zijn horloge keek.

"Jij... Jij... smerige bedrieger, jij sterfelijke smeerlap, jij vuiligheid…."

En toen zag Brandaan Sigilis de ogen van Lazarus de Lioncourt groter worden toen die zich realiseerde dat een van hun twee zou sterven, maar dat het Brandaan niet zou zijn.

© Bruno Roggen, Anhée, 2021

 


Submitted: June 02, 2021

© Copyright 2021 impetus. All rights reserved.

  • Facebook
  • Twitter
  • Reddit
  • Pinterest
  • Invite

Add Your Comments:


Facebook Comments

More Fantasy Short Stories

Other Content by impetus

Short Story / Romance

Short Story / Romance

Short Story / Romance