Voorgoed Verdwenen

Reads: 70  | Likes: 0  | Shelves: 0  | Comments: 0

  • Facebook
  • Twitter
  • Reddit
  • Pinterest
  • Invite

Status: Finished  |  Genre: Thrillers  |  House: Booksie Classic

In een klein stadje aan de Demer gebeurt er een onrustwekkende verdwijning. Bij de zoektocht door politie en vrijwilligers komt men tot vreemde vaststellingen...

Voorgoed Verdwenen

door Bruno Roggen


 

Verwittiging:

 

Alle overeenkomsten met reëel bestaande personen en/of situaties zijn louter toevallig en vallen volledig buiten de wil, het opzet en de verantwoordelijkheid van de auteur.


 

"Er gebeuren rare dingen om ons heen…” Dat zong Urbanus al in 1974. Het zal misschien lollig bedoeld zijn geweest, maar de ondertoon is dat niet. Tot in de kleinste steden, dorpen, zelfs gehuchten gebeuren vreemde dingen waarvoor geen uitleg is. Soms komt die later wel, maar vaak ook nooit…

Dat was ook het geval in Diesberg. Er gebeurde daar iets vreemd, maar er waren dingen waarover niemand graag sprak in zo een tamelijk kleine stad aan de Demer. Ook al liep de geruchtenmolen als een Zwitsers uurwerk, altijd in beweging en toch altijd op de een of andere manier relevant… Soms ook wel niet. Dan misten de geruchten elke grond, en waren ze meestal ontsproten aan een of ander ziekelijk brein, of afkomstig van iemand die zich interessant wilde maken.

Betty Thielens in haar snackbar ‘De Dietse Kroon’ zou een paar woorden zeggen boven haar pot koffie vlak voordat ze je een kopje inschonk, of Marcel Dennys bij het Q8 tankstation zou je vertellen over de laatste roddels terwijl hij je je pakje sigaretten overhandigde.

Op 20 juni, de dag voor de zomerzonnewende, was het dat de Kristel Rombouts spoorloos verdween en begon als naam over de tong te gaan. Voor de meesten in Diesberg en omgeving was het een idee, in plaats van een substantiële en wezenlijke persoon van vlees en bloed.

Het duurde totdat de lokale politie erbij betrokken raakte. Toen begonnen het gebabbel en de roddels pas echt. Er werd verteld dat Kristel's moeder, Patricia Jacobs, buiten zichzelf was in haar huis in de Guido Gezellestraat. Haar man was er niet meer om haar te kalmeren en te troosten. Die was twee jaar daarvoor verliefd geworden op een meisje dat in een bar werkte in Webbekom, en hij woonde nu met die jonge vrouw in Aarschot.

Maar helemaal alleen, aan haar lot overgelaten, was Patricia Jacobs ook niet. De dames die met haar naar de Sint-Annakerk gingen ‘s zondags zochten haar meteen op nadat de politiemannen in hun patrouillewagens waren vertrokken. Haar vriendinnen probeerde natuurlijk meer van haar te weten te komen, maar Patricia was helemaal de kluts kwijt. Zij kon nog nauwelijks zinnen aan elkaar rijgen, zo radeloos was ze. Op geen enkele concrete vraag kon ze een sluitend antwoord geven. Ze had niet eens geweten welke kleren Kristel de avond van haar verdwijning had gedragen. Daar had ze niet op gelet toen ze naar haar dienst vertrok in de kliniek van de Heilige Voorzienigheid, maar vijfhonderd meter verderop. Bovendien hielp het niet dat Kristel niet was zoals de meeste vijftienjarigen: het arme meisje was doorbraaf, ze had nog nooit iets met jongens te maken gehad, ze overtrad nooit een regel, ze was nooit betrapt op roken, en ze stond elk semester in haar klas tussen de leerlingen met de beste uitslagen.

De mensen van Diesberg bleven niet bij de pakken zitten. Ze lieten het zoeken naar het verdwenen meisje niet aan de politie alleen over. Een dag na haar verdwijning, na een verkenning van het plaatselijke Wilgenpark, vond een lid van de zoekgroep Kristel's telefoon, wel met een gebarsten scherm. Misschien had iemand dat scherm opzettelijk stukgeslagen? De politie pakte de GSM mee als bewijsmateriaal en beloofde te proberen enig bewijs te vinden voor Kristel's verblijfplaats.

Maar zelfs al na twee dagen praatten de mensen in de stad minder over de zaak. De belangstelling was een beetje geluwd, de krantenkoppen werden kleiner in de week die volgde.. Niemand had de kristallen bol van een waarzegger nodig om te vertellen waar dit verhaal waarschijnlijk heen zou gaan. Meisjes werden vermist en kwamen nooit meer terug. Het was een schande dat tragedie een manier van leven was geworden voor sommige plattelandsgebieden waar geen modern meisje geschilderd wilde hangen.

Zes dagen na Kristel's verdwijning laaide het vuur weer op. Er waren stukjes van een kleedje van het modemerk Bent gevonden aan de rand van een vijver in de nabijheid van de Torengracht, verstrikt in dode takken. Zo een kleedje had Kristel gehad, blauw met een rode arabesk erin. Dat wist haar moeder Patricia te bevestigen. Volgens de politie leek het erop dat de fragmenten die terug waren gevonden met een schaar verknipt waren. Dat was volgens de politiewoordvoerder een aanwijzing die bevestigde dat er veel meer in het verhaal zat dat zich nog volledig moest ontvouwen.

Niet lang daarna werd bevestigd dat Kristel's DNA op het verknipte weefsel was gevonden. Diezelfde ochtend kon Betty Thielens in De Dietse Kroon haar pot koffie nauwelijks vasthouden. Haar lichaam trilde van het nieuws dat op het punt stond uit haar te barsten. Het flatscreen televisietoestel stond in een hoek, klaar voor een persconferentie die nog door het onderzoeksteam moest worden gehouden.

Na de oproep die er gebeurde tijdens die persconferentie meldde zich op het Diesbergse politiebureau een vader met zijn zestienjarige zoon. Die jongen had iets gezien in die vijver aan de Torengracht, maar hij had het niet durven aan zijn ouders vertellen, noch aan iemand anders. Hij was bang dat hij gestraft zou worden omdat hij daar geweest was met een meisje van zijn klas en er met haar “dingen” had gedaan. In bijzijn van zijn vader vertelde hij de politie dat terwijl hij aan het wachten was op zijn vriendinnetje hij in de vijver, op ongeveer twee meter van de oever, een meisjeshoofd onder water had gezien. Het leek, volgens die getuige, alsof er geen lichaam meer vastzat aan dat hoofd. De mond van het hoofd was open, de ogen waren heel donker, er zat een rare bijna vierkante bult op het voorhoofd, en een massa blond haar dreef er rond…

Het was op zijn minst een eigenaardig getuigenis. Ging het om een hoofd dat gescheiden was van de romp, met andere woorden, om een onthoofd lijk? Zeer eigenaardig was het lange blonde haar dat rond het hoofd in het water dreef. Immers, Kristel had kastanjebruin haar, in een pagekopje geknipt…

Onmiddellijk werd de brandweer besteld, en die begon onmiddellijk in de vijver te dreggen. Toen dat geen resultaat gaf werd de vijver eerst afgevist, en dan volledig leeggelaten. In de stinkende modder was er was geen hoofd te vinden, en ook geen lijk, maar wel een lange blonde pruik die volledig beantwoordde aan wat de jongen had beschreven. Na enig zoeken vond de politie uit dat de pruik uit een kapperszaak in de Brusselse Matonge wijk kwam. Wie haar daar gekocht had was niet uit te vinden, omdat er in die zaak geen verkoopregister bijgehouden werd.

Het raadsel rond de verdwijning van Kristel Rombouts werd steeds maar ingewikkelder. Gefluister begon te circuleren dat er een moordenaar in de stad was. Buren keken elkaar met meer achterdochtige ogen aan, en zelfs oude alleenstaande mannen als Door Jorissen van de Rozenboslaan kregen nu meer dan een voorbijgaande blik. Want het was natuurlijk een man geweest, een gefrustreerde die bij vrouwen niet, of niet meer aan zijn trekken kwam. Wie anders zou er iets misdadigs willen aandoen aan een jong, lief en onschuldig meisje als Kristel? En Door Jorissen, die was al eens beschuldigd door een meisje dat hij haar lastig gevallen had in het stedelijk zwembad. Daar was toen niets van gekomen, omdat het meisje haar verklaring had ingetrokken, maar toch…

Maar zelfs die situatie van behoedzaamheid en verdenkingen kon niet tot in het oneindige duren. De stadsbewoners van Diesberg dwaalden af ??naar gedachten over hun vakantie, de Vlaamse en de Nationale Feestdag, en in augustus Onze Lieve Vrouw Hemelvaart die eraan kwamen. Natuurlijk was het jammer dat Patricia Jacobs alleen zou zijn zonder opbeurend nieuws of een sprankje hoop om de vakantie en de komende feestdagen zonder haar dochter door te brengen, maar wat kon iemand daaraan doen?

Zware onweders hielpen dan zelfs nog een zoekactie om zeep. Welke geheimen er nog te ontdekken vielen over Kristel Rombouts, ze werden waarschijnlijk weggespoeld door stortbuien en bedekt met verse modder.

Op de vooravond van de Vlaamse Nationale feestdag vond een sociale assistente die een welzijnscontrole van Patricia Jacobs kwam doen de arme vrouw bewusteloos met een lege fles slaappillen naast haar. Toen Patricia Jacobs herstelde in het ziekenhuis onder zelfmoordbewaking, kwam er een nieuwe vraag: wist de moeder iets over de verdwijning van haar dochter? Waardoor was ze ertoe gekomen om te proberen zelfmoord te plegen?

Hoe opzichtig de beschuldiging ook zou zijn geweest, die geruchten of insinuaties kwamen niet in de plaatselijke krant ‘Demernieuws’. Tegen het einde van het bouwverlof, een nieuwe start voor de meeste Diesbergenaars, was Kristel Rombouts gewoon een andere naam die af en toe nog nonchalant vermeld werd. De meeste stadsbewoners hadden je niet eens genoeg kunnen vertellen om een goede compositietekening te maken van het meisje van wie het gezicht de afgelopen maanden sporadisch over het nieuws was gepleisterd.

De stad leek klaar om verder te gaan en niet meer achterom te kijken. Of meisjes nu uit zichzelf vertrokken of ontvoerd werden, het punt was dat ze weg waren. En verdwenen meisjes deden er in het grote geheel niet toe... De politie probeerde niet te zeggen dat het een ‘cold case’ aan het worden was, maar rond half augustus waren alle tips opgedroogd. Het laatste substantiële stukje informatie was een anoniem telefoontje geweest dat een meisje dat aan Kristel's beschrijving voldeed was gezien bij het buitenkomen van de Lidl in de Bergstraat. Haar vriendinnen, de meisjes die Kristel eigenlijk van dag tot dag kenden, schudden gewoon het hoofd en zeiden dat dat duidelijk een leugen was omdat Kristel nooit in de Lidl winkelde, maar wel af en toe in de Aldi aan het Bevrijdingsplein.

En zo ging het. En zo bleef het ook. De naam van een meisje dat ooit frontpagina nieuws voor de kranten was geweest stierf weg in het achterhoofd van de mensen die haar herinnering misschien nog iets langer levend hadden kunnen houden. Zelfs haar moeder, die nog steeds aan het herstellen was, vertelde haar zus Jacqueline in vertrouwen dat ze erover dacht om naar een andere stad te verhuizen, gewoon om weg te komen uit de stad die haar dochter had opgevreten en haar had uitgespuwd zonder haar een tweede gedachte waardig te achten.

Meisjes sterven niet alleen door toedoen van moordenaars, of door de onachtzaamheid van mensen die hen zouden moeten beschermen. Meisjes sterven als ze uit de schijnwerpers verdwijnen, de korte tijd dat hun verhalen alleen maar worden gebruikt als voer voor meningen en lezers, tot hun namen niet langer winstgevend of relevant zijn voor het grotere geheel.

Het waarschijnlijk onthoofde lichaam van Kristel Rombouts werd nooit gevonden, en haar hoofd evenmin. Nog geen half jaar later vervaagden en scheurden de posters die met haar gezicht overal waren aangeplakt.

Ze had misschien nog geleefd, ze was misschien dood, maar ze verdween voorgoed op de dag dat haar stadje aan de Demer niet meer over haar sprak, de dag waarop ze aan haar lot werd overgelaten, wat het ook was, omdat niemand anders de moeite meer kon doen om om haar te geven.

Kristel Rombouts werd enkel een waarschuwend verhaal voor moeders om met hun dochters te delen: vergeet niet gezien te worden, wat je ook doet. Dat is de enige manier waarop je kunt overleven in deze wereld. Die woorden zullen waarschijnlijk nog lang waar zijn…

© Bruno Roggen, Anhée, 2021


 


Submitted: June 08, 2021

© Copyright 2021 impetus. All rights reserved.

  • Facebook
  • Twitter
  • Reddit
  • Pinterest
  • Invite

Add Your Comments:


Facebook Comments

Other Content by impetus

Short Story / Fantasy

Short Story / Romance

Short Story / Romance