Bang voor de Boeman

Reads: 11  | Likes: 0  | Shelves: 0  | Comments: 0

  • Facebook
  • Twitter
  • Reddit
  • Pinterest
  • Invite

Status: Finished  |  Genre: Horror  |  House: Booksie Classic

Een jongeman van achttien is voortdurend angstig. Hij kan 's nachts nauwelijks slapen, en zoekt steun bij zijn moeder. Zal zij hem kunnen helpen?

Bang voor de Boeman
 

door Bruno Roggen


Verwittiging:

Alle overeenkomsten met reëel bestaande personen en/of situaties zijn louter toevallig en vallen volledig buiten de wil, het opzet en de verantwoordelijkheid van de auteur.


“Dat kan toch niet langer!” zei Pol tegen zijn vrouw Maria. “Over een maand wordt onze zoon Piet achttien jaar oud, en elke avond kruipt die nog een paar uur lang bij jou in bed. Moesten de mensen dat weten… Ze zouden er nogal iets van maken, en je kan je wel voorstellen welke roddels de ronde zouden doen.”
 

Maria hield heel veel van haar zoon Piet, maar wat haar man Pol zei was waar. Zo kon het niet langer. Piet werd achttien, en nog altijd klampte hij zich als een kleuter aan zijn moeder vast. Maria ging altijd een paar uur vroeger slapen dan haar man. Piet wachtte op dat moment, en kroop zonder het haar te vragen in bed dicht tegen haar aan… Hoe kwam dat toch? Maria begreep haar zoon: Piet hield niet van het donker. Hij gruwde ervan dat hij in slaap moest vallen in een donkere kamer, alleen met zijn angsten. Hij moest altijd alleen vechten tegen zijn gedachten en zijn angsten.

Hoe haar hart ook bloedde om Piet, volgens zijn moeder moest er een eind aan zijn gewoonte komen. Haar man Pol had gelijk: Piet was al te oud om met haar in hetzelfde bed te liggen.
 

Toen kwam de volgende nacht. Piet beefde van angst. Hij voorzag zijn strijd tegen het kwaad die zou duren totdat zijn kracht opraakte en hij in slaap zou vallen.
 

“Mama, ik ben bang. Mag ik mijn bureaulamp aan laten staan?” vroeg Piet hoopvol aan zijn moeder.
 

“Nee, Piet, je bent al volwassen. Er is niets om je zorgen over te maken in het donker,” antwoordde Maria streng.
 

"Misschien mag ik de deur op zijn minst open laten?" smeekte de jongen.
 

"Neen, ook dat niet, Piet! Leer toch eens je als een volwassene te gedragen," antwoordde zijn moeder. “Er zal je niets overkomen. Er is nog nooit eerder iets gebeurd waarvoor je bang zou moeten zijn. Ik hou van je.”
 

Maria kuste haar zoon op zijn wang, deed het licht uit en verliet zijn kamer. Piet voelde zich wanhopig. Hij was weer alleen gelaten. Daarom probeerde hij zo snel mogelijk in slaap te vallen. Hij stak zich helemaal onder het dekbed  en zorgde ervoor dat geen van zijn lichaamsdelen, behalve zijn neus en de bovenkant van zijn hoofd er bovenuit kwamen.
Maar zijn rusteloze geest werd voortdurend door iets afgeleid: het geritsel van de bladeren buiten het raam, een windvlaag, het geroep van uilen. Hoe kon iemand in die omstandigheden in slaap vallen? Maar Piet was verbeten. Hij gaf niet op en begon alle beproefde manieren in zijn hoofd te overlopen om in slaap te vallen. Hij besloot te beginnen met de meest verspreide: schaapjes tellen. Een, twee, drie... Piet begon te tellen.

Op dat moment ritselde er iets onder het bed. Een benige, ruwe hand greep de rand van zijn bed en tastte onder het dekbed. Die hand begon langzaam verder in de bescherming van het dekbed naar binnen te sluipen. Piet voelde een aanraking op zijn been en verstijfde van angst. Zo droog als wilgentakken begonnen iemands vingers zich langzaam om zijn voet te wikkelen.
 

In paniek sprong Piet uit bed en rende de slaapkamer in bij zijn ouders. Zonder iets uit te leggen kroop hij in hun bed en wikkelde zich in een deken.
 

"Wat krijgen we nu? Hoe gedraag je je wel?!" vroeg zijn vader hem verontwaardigd. “Je bent al een volwassen jonge man. Weg hier! Maak dat je terug in je kamer bent!”
 

"Maar papa, ik ben aangevallen door een monster dat onder het bed woont!" Snikkend begon de jongen het uit te leggen.
 

Pol stond op het punt om zijn zoon verder de levieten te lezen, maar Maria keek haar man smekend aan en zei:

“Wees toch niet te hard voor de jongen. Volgens mij meent hij echt wat hij zegt.”
 

Dat maakte indruk op Pol. Hij bond in en zei tegen Piet:
“Goed dan. We gaan samen kijken of er iemand onder je bed ligt. Als er niemand is, ga dan naar bed en kom pas uit je kamer morgenvroeg. Akkoord?”  

 

“Ja, akkoord.” zei Piet, terwijl hij de tranen wegveegde met de mouw van zijn pyjama.

De vader leidde zijn zoon de kamer in, ging op zijn knieën liggen en boog zich diep voorover om eventuele monsters onder het bed te ontdekken.
 

“Er is daar niemand, Piet, kijk zelf maar.” zei Pol.
 

“Nee, dat hoeft niet. Ik geloof je.” zei de jongen met een trieste stem.
 

“Goedenacht, zoon.” zei de vader de klopte Piet neerbuigend op het hoofd. Hij ging terug naar zijn eigen slaapkamer en sloeg de deur achter zich dicht.
 

De volgende dag kwam Piet zijn kamer niet uit.
 

"Dat is raar… hij staat altijd vroeg op,” zei Maria. “Bovendien bak ik op zondag altijd gezouten spek voor hem, zijn favoriete ontbijt op zondag. Daarvoor staat hij nog een half uur vroeger op dan in de week…”
 

“Misschien werd hij gisteren zenuwachtig en kon niet goed inslapen. Nu slaapt hij uit. Of hij was beledigd door wat ik zei en zit nu te mokken en in zijn bed naar zijn telefoon te staren,” zei de vader. "Ik ga naar hem toe, kijken wat er met hem aan de hand is."
 

Pol stond op en ging naar de kamer van zijn zoon. Hij klopte aan en riep op hem buiten voor de deur, maar er kwam geen antwoord. Toch ongerust ging Pol de kamer binnen en zag een raam wijd open staan. Op het bed van de zoon waren enkele afdrukken die op sporen van klauwen leken, en ernaast lag een stuk papier. De vader kwam dichterbij en las een briefje waarop met bloed geschreven stond:
 

“Soms zijn de verhalen van je kinderen echt.”

 

© Bruno Roggen, Anhée, 2021


Submitted: November 22, 2021

© Copyright 2021 impetus. All rights reserved.

  • Facebook
  • Twitter
  • Reddit
  • Pinterest
  • Invite

Add Your Comments:


Facebook Comments

Other Content by impetus

Short Story / Romance

Short Story / Romance

Short Story / Romance